StudentTalks: Lisette Woltjer heeft onderzocht hoe je publieke ruimte voor iedereen kunt creëren!

LGRO_ugla_05

22 mei StudentTalks: Lisette Woltjer heeft onderzocht hoe je publieke ruimte voor iedereen kunt creëren!

In mijn scriptie getiteld public space for every age ben ik op zoek gegaan naar de verschillen, maar vooral ook de overeenkomsten tussen de zienswijzen en behoeften van mensen van verschillende leeftijden met betrekking tot de openbare ruimte.

Met het oog op de bevolkingskrimp en verdwijnende voorzieningen in de kleine dorpen in het noorden van Nederland besloot ik mijn data te verzamelen in een klein dorp met weinig voorzieningen. Want ik dacht: als er minder voorzieningen zijn ben je meer aangewezen op de openbare ruimte voor je dagelijkse dosis sociale interactie. Daarnaast is het voor mensen die minder mobiel zijn – en dus meer afhankelijk van de directe leefomgeving – al helemaal van belang dat de openbare ruimte voldoende mogelijkheden biedt.

Om erachter te komen welke mogelijkheden mensen van verschillende leeftijden belangrijk vinden heb ik ze mental maps laten tekenen met een speciale pen op mijn computer. Dit leverde allemaal leuke representaties van het dorp op uit allerlei verschillende hoeken, die ik vervolgens per leeftijdsgroep heb samengevoegd tot drie kaarten. Helaas heb ik niet van elke leeftijdsgroep een volledig beeld kunnen geven. Zo heb ik geen kinderen en tieners gevonden om te tekenen. Wel is er aan de gele tekeningen op de kaart van de jongste deelnemers te zien welke plekken vroeger voor hen als kind belangrijk waren. En toch kan dit voor de nieuwe generatie natuurlijk heel anders zijn.

lisette1

Afbeelding 1: Collectieve mental maps, van linksboven naar rechtsonder: jongeren (18-24) volwassenen (25-55) en ouderen (55+).

Het dorp in kwestie is het Friese plaatsje Reduzum, waar ik zelf ook vandaan kom. Dit dorp heeft een grote gemeenschapszin. Er wonen veel mensen die zich bezig houden met onder andere sport en het dorp verduurzamen. Best een goed voorbeeld voor steden die dat ook willen stimuleren, bleek uit meerdere interviews. Het dorpsbestuur wordt namelijk regelmatig gevraagd om lezingen te geven over de manier waarop ze veranderingen te weeg brengen. De autonomie waarmee ze dat doen kan een factor zijn die de leeftijdsvriendelijkheid ten goede komt. Daarnaast zijn de diversiteit, herkenbaarheid en flexibiliteit van de omgeving en de onderlinge interactie tussen de gebruikers ervan belangrijke factoren

lisette2

Afbeelding 2: Factoren voor intergenerationele ruimte.

Deze factoren spelen ook mee in een stad als Groningen. Het Let’s Gro festival biedt de kans om dit verder in de praktijk uit te zoeken. De landelijke prijsvraag Who Cares ging al in op leeftijdsvriendelijke wijken, maar was vooral gericht op ouderen. Daarnaast leent het festival zich goed voor het verkennen van flexibiliteit, omdat het draait om betrokkenheid, inventiviteit, creativiteit en interactie. Een leuk voorbeeld van een flexibele, interactieve en zelfs verplaatsbare vorm van openbare ruimte is de Undefined Playground van het Zuid-Koreaanse architectenbureau studio B.U.S.

lisette3
Afbeelding 3: Undefined Playground

Dit ontwerp biedt diversiteit en autonomie door middel van flexibiliteit, want het geeft mensen de mogelijkheid om de maat, vorm en functie te veranderen. En toch biedt het ook genoeg herkenbaarheid door de integratie van bekende sporten zoals basketbal en voetbal. Kortom: alle ingrediënten voor intergenerationele interactie, zeker als het wordt opgevuld met activiteiten die verschillende leeftijdscategorieën aanspreken.

Naast het meenemen van de genoemde factoren kan de affordances flower ook helpen bij het vinden dingen die mensen onbewust missen in de openbare ruimte.

lisette4

Afbeelding 4: Affordances Flower

‘Affordances’ zijn kortgezegd de kansen en belemmeringen die de omgeving een persoon biedt. Dezelfde ruimte kan dus door verschillende mensen heel anders ervaren worden, doordat de kansen en belemmeringen die zij waarnemen verschillend zijn. Door de verschillende kwaliteitscriteria van Jan Gehl (2010) te combineren met het affordances model van Douglas, Lennon & Scott (2017) ontstaat er een bloemvormig model. Hierin zijn de verschillende dimensies waarbinnen kansen en belemmeringen zich voordoen weergegeven. Binnen die dimensies passen de criteria voor ruimtelijke kwaliteit precies.

Dus, om openbare ruimte voor alle leeftijden te maken begin je bij ‘persons': welke acties zijn belangrijk voor mensen van verschillende leeftijden? Wat voor ruimtes zijn er nodig om een gevoel van veiligheid te creëren op een manier die past bij de plek, waar je rustig kunt praten en genoeg te zien is? Waar zullen kinderen, jongeren, volwassenen en ouderen graag naar kijken en wat willen ze graag zelf doen? En dan zijn we alleen nog maar bij de  acties. Wat zijn de behoeftes van de verschillende leeftijdsgroepen in relatie tot mogelijke weersomstandigheden, in verschillende jaargetijden en op verschillende tijdstippen gedurende de dag en nacht? En hoe wordt de schaal van de plek ervaren in relatie tot de lengte of het transportmiddel van de persoon, maar ook in het bredere perspectief van iemands dagelijkse actieradius: hoe belangrijk is de plek (of zou die kunnen zijn). Genoeg om over na te denken dus. Daarom kan dit model helpen om overzicht te houden en ervoor te zorgen dat alles wordt meegenomen in het ontwerp.

Referenties

  • Gehl. J. (2010). Cities for people. Washington: Island press, p. 239.
  • Douglas, O., Lennon, M., & Scott, M. (2017). Urban green space for health and well-being: developing  an ‘affordances’ framework for planning and design. Journal of Urban Design, 1.
  • B.U.S Architecture (2016). Undefined Playground. ArchDaily. Geraadpleegd op 18-05-2018, via: https://www.archdaily.com/787420/undefined-playground-bus-architecture
Geen reactie's

Geef een reactie

*